spacer

Roofvogels

 

Roofvogelinventarisatie

Friese Wouden-NoordOost 2011

door

O. Tol en B. Smid

 

INLEIDING

Hoe werken wij

Het inventarisatiewerk vindt zoveel mogelijk plaats volgens landelijk afgesproken richtlijnen (Werkgroep Roofvogels Nederland). Het voordeel van deze standaardisatie is dat de door ons verzamelde gegevens gebundeld kunnen worden met gegevens van de andere inventarisatiegroepen in Nederland. Deze gegevens worden onder andere verzameld en gebruikt door de Werkgroep Roofvogels Nederland te Appelscha, SOVON in Beek-Ubbergen en het Vogeltrekstation in Arnhem. De volgende gegevens worden zoveel mogelijk per soort verzameld; territoria, nestbouw, datum eileg, aantal eieren, aantal uitgekomen jongen, geslacht en aantal uitgevlogen jongen.

Van de jongen word tijdens het ringen de biometrie vastgelegd.

Al in de winterperiode, vanaf half februari, beginnen onze inventarisatiewerkzaamheden met het zoeken naar nesten waar al aan gebouwd wordt. In april worden de meeste eieren gelegd en in de loop van juni de meeste jongen geringd.

Gemiddeld bezoeken we ieder nest 4 à 5 maal; meestal van afstand maar voor het ringen moeten we naar de nesten klimmen.

 In het najaar worden de gegevens verwerkt en vastgelegd in een rapport. Tevens zijn door ons nestkasten geplaatst voor het project RAS-Torenvalk.

 

Waarom

Veel roofdieren (predatoren) staan aan de top van een voedselpiramide, zo ook roofvogels. Ten onrechte wordt vaak gedacht dat roofvogels bepalend zijn voor de stand van bepaalde diersoorten in een gebied. Van deze verkeerde veronderstelling wordt graag gebruikt door mensen die negatief over roofvogels denken of die roofvogels zelfs als hun concurrenten zien. Het is juist andersom; roofvogels zijn in grote mate afhankelijk van het voorkomen van bepaalde diersoorten. Voorbeeld; bij torenvalken hangt het broedsucces voor een groot deel af van de veldmuizenstand.

Door gedurende langere tijd de aanwezigheid, broedsucces en het voedselgedrag van roofvogels vast te leggen en te bestuderen kunnen eventuele ecologische veranderingen in gebieden aan het licht komen. De Friese Wouden is een zeer interessant gebied voor een dergelijk onderzoek.

Zijn roofvogels in staat zich aan te passen of zullen ze verdwijnen?

En waar en hoe kunnen en willen wij eventuele negatieve ontwikkelingen stoppen of gelijkwaardige biotopen creëren?

Oproep

Mocht u iets over roofvogels te melden hebben neem dan even contact op. Zeker als het gaat om territoria en nestplaatsen maar ook wanneer u een dode roofvogel in ons inventarisatie gebied vindt. De gegevens over vindplaats, doodsoorzaak, geslacht, leeftijd en de conditie van deze dode beesten leveren ons mogelijk belangrijke informatie op.

Inventarisatie gebied

De grenzen van ons inventarisatie liggen ongeveer  als volgt: van ten zuiden van Dokkumer Nieuwe Zijlen, langs Dokkumer Grootdiep naar het westen tot het Steenvak, naar het zuiden langs Westergeest, De Zwemmer naar het Bergumermeer, rond Drogeham en dan weer in noordelijke richting Gerkesklooster, Burum, Munnekezijl en weer westelijk naar Dokkumer Nieuwe Zijlen.

INVENTARISATIEGEGEVENS

De inventarisatie gegeven worden onderstaand per soort vermeld!

Buizerd, Buteo buteo

In het broedseizoen van 2011 zijn er 45 territoria van de buizerd door ons vastgesteld.

Hiervan zijn 41 nesten gevonden, het verlies bestond uit 12 nesten waarvan de oorzaak 7x onbekend is gebleven, 3x door predatie van Zwarte Kraaien en 2x door mensen.

Van de overige succesvolle broedparen zijn 52 jongen uitgevlogen,

waarvan er 44 met een ring van Vogeltrekstation Arnhem zijn voorzien. Het gemiddelde per nest is dus 1.7 maximaal.

Foto: Ouder van broedpaar Buizerd alarmerend bij de horst tijdens het ringen van hun drie jongen.

 

Bruine Kiekendief, Circus aeruginosus

Eerst uitgaande van 3 territoria hebben wij dit later bijgesteld tot maar één zekere. Hiervan hebben wij ook het nest kunnen vinden. Dit paar heeft gebroed in het rietveld van een petgat en drie jongen grootgebracht.

Op de ringdag constateerden wij dat het om 2 mannetjes en 1 vrouwtje ging.

Na het succesvol uit vliegen hebben wij de jongen nog vaak in de omgeving kunnen waarnemen.

Foto boven: Vrouwtje Bruine Kiekendief invallend bij het nest met 3 jongen.

Foto onder: De 3 jongen van boven genoemd nest.

 

Havik, Accipiter gentilis

Van 8 territoria zijn er 6 nesten door ons gevonden. Al deze 6 broedparen waren succesvol en in totaal zijn er 14 jongen uitgevlogen, het ging hier om 10 mannen en 4 vrouwen.

Dit jaar is door ons, sinds onze inventarisatie is gestart het jaar 2000, het 100ste  Havikenjong geringd. Het betrof hier een jonge vrouw die als eenling door dit broedpaar is groot gebracht.

Foto: Het 100ste door ons geringde Havikjong.

 

Sperwer, Accipier nisus

Ongetwijfeld zullen het er meer zijn, maar wij hebben er maar drie nesten gevonden. Twee nesten in niet beklimbare boompjes. Het waren ook behoorlijk kleine nesten met een vijftal jongen er op.

Het niet beklimmen van dit soort boompjes is in het belang van de vogels. Door beklimming kan een nest met jongen uit een boom vallen. Van deze twee broedparen zijn 9 jongen uitgevlogen. Het overige broedsel is door onbekende oorzaak verloren gegaan.

Foto: Nest met 4 jongen van de Sperwer in een klein en dun topje van een Berk.

 

Torenvalk, Falco Tinnunculus

Ook dit jaar hebben wij de Torenvalk jongen weer geringd voor het RAS-project in Friesland. Meerdere paartjes Torenvalken waren dit jaar erg laat met hun eileg. Eén paartje moest noodgedwongen omdat “hun” nestkast “gekraakt” was door een paartje Nijlganzen. Toen het 7-legsel van de Nijlgans, op 3 eieren na, uitgekomen was en de jongen de nestkast verlaten hadden, heeft het vrouwtje Torenvalk hier een 5-legsel bij gelegd. Bij een controle hebben wij de 3 niet uitgekomen eieren van de Nijlgans verwijderd om, mogelijk, het broeden van de Torenvalk te bevorderen.

Van de 18 nesten zijn er 6 verloren gegaan. De overige 12 nesten hadden in totaal 67 eieren, hiervan zijn er 46 jongen uitgevlogen.

Het gemiddelde aantal eieren per nest is dus 5.8. Het gemiddelde van het aantal uitgevlogen jongen is 3.8.

In één nestkast bleken 3 van de 4 jongen zogenaamde spreidpoten te hebben.

Het overige jong had maar 1 spreidpoot, de andere was normaal. Dit was ook het enige jong dat uitgevlogen is. Doch van dit jong is bij latere controles, door zowel ons als door de eigenaar van het land waarop de nestkast hing, niets meer vernomen.

Voor ons was dit in al die jaren, sinds wij roofvogels ringen, de eerste keer dat wij zoiets aantroffen!  

Over de oorzaak en het ontstaan van spreidpoten tast men nog in het duister. Wel wordt het toegeschreven aan een tekort aan vitamine D of wanneer de vogels als jongen op een gladde vloer opgroeien. Het laatste was in ieder geval niet van toepassing omdat de nestkast een dikke bodem had van braakballen en overige resten. De vogels zijn uiteraard niet geringd.

Foto’s: Het nest Torenvalken met spreidpoten.

 

Boomvalk, Falco subbuteo

Na twee jaren van afwezigheid, hadden wij gelukkig nu zeker 6 territoria.

Misschien waren er eerder ook wel nesten maar hebben wij ze niet kunnen vinden.

Hiervan hebben wij 4 nesten kunnen vinden. Twee hiervan zijn met respectievelijk 2 en 3 jongen verloren gegaan door, naar alle waarschijnlijkheid, predatie.

De twee overige nesten hadden 2 en 3 jongen die geringd zijn en ook succesvol uitgevlogen zijn.

Foto: het nest met de 3 jonge Boomvalken.

 

Dankwoord

Bouke Smid en ik willen allen, en met name Wietse Reitsma en Egbert Veenstra, bedanken voor hun medewerking. Mede ook door hun inzet konden wij roofvogels inventariseren en het ringwerk doen.

Ook willen wij alle eigenaren van de terreinen, waarvoor wij toegang kregen om te kunnen inventariseren, bedanken.

Bouke Smid & Oane Tol

Werkgroep Roofvogels Friese Wouden: Hobby

De werkgroep is door het overlijden van Oane Tol opgeheven. Er zijn vrijwilligers nodig om roofvogels te zoeken en te ringen. Als u hiervoor belangstelling en tijd heeft, meldt u zich dan bij ons.

Hoofdsponsor!

Contactgegevens

Klaas de Vries
Cantecleer 20
9291 AS Kollum

E-mail: info@vogelwachtkollum.nl

 

spacer
spacer